6 maart 2018

Tweede Kamer neemt wetsvoorstel Afschaffing actualiseringsplicht bestemmingsplannen en beheersverordeningen aan

Op 1 februari 2018 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Afschaffing actualiseringsplicht bestemmingsplannen en beheersverordeningen.

Met het wetsvoorstel wordt de huidige actualiseringsplicht geschrapt die volgt uit artikel 3.1 lid 2 Wro voor bestemmingsplannen en uit artikel 3.38 lid 2 Wro voor beheersverordeningen die elektronisch raadpleegbaar zijn.

Een bestemmingsplan dat onder de Wro tot stand is gekomen, hoeft in dat geval niet meer binnen tien jaar opnieuw te worden vastgesteld.

Het wetsvoorstel vormt een onderdeel van de overgang naar het nieuwe stelsel van het omgevingsrecht en de nieuwe Omgevingswet. De wetgever beoogt met dit wetsvoorstel voor gemeenten de voorbereiding in de aanloop naar de Omgevingswet makkelijker te maken.

Onder de Omgevingswet dienen gemeenten hun bestemmingsplannen, beheersverordeningen en andere regelingen over de fysieke leefomgeving uit andere verordeningen te bundelen en om te vormen tot één samenhangend en consistent omgevingsplan. De meeste gemeenten hebben op dit moment tientallen bestemmingsplannen en beheersverordeningen. Het komt regelmatig voor dat de inhoudelijke verschillen, bijvoorbeeld in de gehanteerde begrippen of formuleringen, groot zijn, terwijl de intentie is om hetzelfde te regelen. Door deze bestemmingsplannen en beheersverordeningen in één omgevingsplan op te nemen, staan de gemeenten dus voor een behoorlijke operatie.

Het schrappen van de actualiseringsplicht sluit ook aan bij de inhoud van de Omgevingswet. In de Omgevingswet komt de actualiseringsplicht namelijk niet meer terug. Om die reden vindt de wetgever het niet zinvol om nu nog vast te houden aan de actualisering van (elektronische) bestemmingsplannen terwijl die verplichting onder de Omgevingswet vervalt. Die tijd kan derhalve beter worden geïnvesteerd in de voorbereiding van het omgevingsplan.

Voorbereiding
De Omgevingswet biedt gemeenten tien jaar – te rekenen vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet – de tijd om alles op te nemen in één omgevingsplan. In de aanloop naar de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt met het wetsvoorstel de actualiseringsplicht uit de Wro voor bestemmingsplannen en beheersverordeningen voor een belangrijk deel afgeschaft. Volgens de wetgever krijgen gemeenten daardoor meer capaciteit en ruimte, zodat zij in de aanloop naar de Omgevingswet al kunnen starten met de voorbereiding van het opstellen van het omgevingsplan.

Belangrijk is dat de afschaffing niet geldt voor alle bestemmingsplannen en beheersverordeningen. Het wetvoorstel heeft alleen betrekking op bestemmingsplannen en beheersverordeningen die elektronisch raadpleegbaar zijn. De plannen moeten beschikbaar zijn gesteld op www.ruimtelijkeplannen.nl.


Legessanctie

Zodra het wetsvoorstel kracht van wet krijgt, zal ook de legessanctie vervallen uit artikel 3.1 lid 4 Wro en artikel 3.38 lid 2 Wro. Aangezien het wetsvoorstel geen overgangsrecht bevat, zou de legessanctie strikt genomen direct van toepassing zijn. De Hoge Raad heeft echter bepaald dat een wettelijke grondslag is vereist voor terugwerkende kracht.
Aangezien een dergelijke regeling in het wetsvoorstel ontbreekt, vervalt de legessanctie alleen voor legesbeschikkingen die worden genomen na inwerkingtreding van de wet. Duidelijk overgangsrecht had wellicht voor meer duidelijkheid kunnen zorgen.


Vervolg

Op 6 maart 2018 vindt het voorbereidend onderzoek door de Eerste Kamercommissie voor Infrastructuur, Waterstaat en Omgeving (IWO) plaats.

Als het wetsvoorstel ook door de Eerste Kamer wordt aangenomen, zullen wij u hier uiteraard over berichten.

Heeft u vragen over het wetsvoorstel of de Omgevingswet? Neemt u gerust vrijblijvend contact op met mr. Evelien Braad via ebraad@lagrolaw.nl of via 0172-503250.